“Ik ben met pensioen maar blijf nog tot 2020 beschikbaar voor Ebema”

Sommige mensen blijven trouw aan hun werkgever. Zelfs na hun pensioen. Dat zijn de ‘speciallekes’. Eddy Gernee is hiervan een schoolvoorbeeld. Hij werkte altijd met hart en ziel voor Avanti in Rijkevorsel. En bleef die drive houden nadat Ebema het betonbedrijf in 1997 overnam. Eind 2016 ging Eddy na meer dan 40 jaar dienst met pensioen. Toch is hij nog wekelijks voor Ebema aan het werk.

Eddy Gernee tekende in 1973 een contract bij Avanti. “Als technisch tekenaar. Ik ontwierp onder andere vormen en producten”, zegt hij enthousiast. “In de beginjaren ging het hard. Er was geen mechanisatie, we waren met ruim 120 medewerkers. Ik dacht graag mee en stond aan de wieg van een machine om betonnen goten voor de NMBS te produceren. Toen de machine uiteindelijk klaar was, staakte de toenmalige minister van Spoorwegen de opdracht. Daar stonden we met een prachtige pers, maar zonder werk. We begonnen uit noodzaak stalen mallen te maken voor machinaal maatwerk. Een schot in de roos, zo bleek. Eind jaren negentig kochten we een tweede pers aan. En de vormenbouw is altijd gebleven.”

Ebema was onze redding. Investeringen, inspraak, automatisatie. Ebema wilde vooruit.

Tumult en blokkades

Toen zijn baas langdurig in het ziekenhuis belandde, speelde Eddy Gernee een belangrijke rol voor Avanti. Hij was als technisch directeur enthousiast over de overname door Ebema. “Ik had vanaf het begin door dat Ebema een redding was. Niet iedereen reageerde hetzelfde. Er was tumult. De vakbonden zorgden voor blokkades”, legt Gernee uit. “Ebema kocht Avanti niet om een concurrent te elimineren, wel om zelf te kunnen groeien. Uiteindelijk zijn we daar allemaal beter van geworden. Het verschil tussen Avanti en Ebema was gigantisch. De enige jaarlijkse investering bij Avanti was de bedrijfswagen van de baas. Bij Ebema was er wél ruimte voor optimalisatie. Inspraak was vanaf dag één mogelijk. Automatisatie mocht. Ebema wilde vooruit.”

Is het dat allemaal waard?

In 2016 verliest Eddy een schoolkameraad. “Totaal onverwacht. Hij was net zestig jaar. Op vrijdag ging hij met pensioen, op zaterdag was hij dood. Dat heeft me hard geraakt én aan het denken gezet. Was het dat allemaal waard? Kon ik ook niet beter met pensioen gaan?”, aldus Eddy Gernee. “In dezelfde periode was ik ’s avonds laat nog op kantoor met collega Jo. Na een openhartig gesprek wist ik dat hij de ideale opvolger was. We hebben het voorstel op tafel gegooid. Ebema stelde voor dat ik zou afbouwen naar 4/5 of 3/5. Daar had ik geen zin in. De tijd was rijp. Maar omdat het Toekomstplan 2020 net gelanceerd was, stelde ik voor om beschikbaar te blijven als de noodzaak zich voordeed. Vandaag handel ik nog af en toe een klacht af, woon ik een vergadering bij, begeleid ik een bezichtigingsdag of vertegenwoordig ik Ebema bij het Europees Comité voor Elektrotechnische Normalisatie.”

Geen uurwerk, alstublieft

Bij zijn pensioen eind 2016 maakte Eddy duidelijk dat hij geen traditioneel uurwerk als cadeau wilde. “Ik had al eens laten vallen dat ik gek was op het oude aambeeld dat ergens in de hal in een hoekje onder een dikke laag stof stond. Dat tijdsgebonden geschenk heb ik uiteindelijk ook gekregen. Bij het opblinken vond ik de naam van de producent en het jaartal terug: C. Dillens Bruxelles 1867. Dat aambeeld staat vandaag in mijn atelier. Ik werk nog altijd graag met mijn handen. Ik heb een grote serre en kweek paprika’s, courgetten en pompoenen. Van het zwarte gat is dus geen sprake. En af en toe belt Ebema. Dan is mijn vrouw ook tevreden dat ik nog eens weg ben!”